§9.4 Alexis de Tocqueville en John Stuart Mill

De Online Portal van het vak maatschappijwetenschappen

Alexis de Tocqueville werd in 1805 geboren in Frankrijk. Na zijn studie rechten kreeg hij ook interesse in de politiek. Hij maakte verschillende reizen naar de Verengide Staten, waar hij het politieke systeem bekeek en de geschiktheid ervan voor Europa analyseerde. De VS kende een democratie zonder koning en zonder veel macht van de adel. In 1833 publiceerde de Tocqueville samen met zijn vriend Gustave de Beaumont een werk over het Amerikaanse systeem. John Stuart Mill was in die tijd een Engelse filosoof en econoom en vond het werk van de Tocqueville en Beaumont erg goed. Mede door hem werden de twee bekend in Groot-Brittannië. Tot op de dag van vandaag wordt het boek gezien als een standaardwerk over de Amerikaanse samenleving, ondanks dat het al een poos geleden geschreven is. Op de afbeelding bovenaan de pagina is de Tocqueville te zien.

John Stuart Mill werd thuis opgevoed, afgeschermd van andere kinderen. Zijn vader wilde dat hij geniaal werd en leerde hem het Griekse alfabet opzeggen toen hij drie jaar oud was. Mill werd aanhanger van het utilitarisme, wat niet zo heel gek was, omdat zijn peetoom Jeremy Bentham daar de grondlegger van was. Op deze pagina kun je meer over Jeremy Bentham en het utilitarisme lezen.

In 1859 publiceerde Mill zijn boek ‘On liberty’, waarin hij ingaat op vrijheid en wanneer deze beperkt mag worden. Hij introduceert het schadebeginsel, wat inhoudt dat de vrijheid van iemand alleen beperkt mag worden wanneer dat nodig is om te voorkomen dat hij anderen schade aanbrengt. Mill pleit daarnaast voor optimale vrijheid voor het individu en dus ook voor minderheden in de maatschappij. Volgens hem dreigde het gevaar dat de wil van de minderheid in de volksvertegenwoordiging verloren ging. Daar beslist in principe de meerderheid wat er gebeurt. Juist een afwijkende mening is belangrijk, omdat het de maatschappij uitdaagt en haar tot vooruitgang brengt.


naar liberale politieke partijen in Nederland (§9.4)Vwo

 

terug naar hoofdstuk 9Vwo