§10.4 Politieke partijen van vroeger

De Online Portal van het vak maatschappijwetenschappen

De Communistische Partij Nederland (CPN) is voortgekomen uit een afsplitsing van de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP) waar je vast wel eens van hebt gehoord. De CPN was linkser dan de bestaande PvdA, waar de SDAP in is opgegaan. Toen de CPN in 1990 opging in het huidige GroenLinks, verdween de op dat moment oudste politieke partij van Nederland. Sommigen waren het niet eens met het samengaan en verenigden zich in de Nieuwe Communistische Partij (NCPN), die nog steeds bestaat. De NCPN doet al een paar jaar niet meer mee aan de Tweede Kamerverkiezingen en is maar in sommige gemeenten actief bij de gemeenteraadsverkiezingen.

In het beginselprogramma dat de CPN in 1946 schreef wordt de doelstelling van de partij als volgt omschreven: “Het einddoel van de Communistische Partij van Nederland is de socialisatie der voornaamste productiemiddelen, om zodoende te komen tot een planmatige verdeling der goederen, d.w.z. de voorwaarden te voor de omvorming van de kapitalistische maatschappij in een communistische“. In het doel van de omvorming van de maatschappij met haar kapitalistische verhoudingen zie je duidelijk het gedachtegoed van het communisme terug.

Een land waar het communisme een grote rol speelde in de tweede helft van de 20e eeuw was de Sovjet-Unie. De CPN heeft veel naar de Sovjet-Unie gekeken en het land oefende ook invloed uit op de partij. De partij is lang (van 1938 tot 1977) geleid door Paul de Groot, die je op de foto hiernaast ziet. Hij werd ook wel de Stalin van Nederland genoemd, wat hij te danken had aan zijn goede contacten met de Sovjet-Unie. Het geschiedenisprogramma Andere Tijden maakte een documentaire over deze Paul de Groot, die je hier kunt zien.

Een andere politieke partij die inmiddels niet meer bestaat is de Anti-Revolutionaire Partij (ARP). Deze werd in 1879 opgericht door Abraham Kuyper in de periode van de verzuiling. De samenleving was toen opgedeeld in vier groepen: socialisten, liberalen, protestanten en katholieken. De ARP was de partij voor de protestanten en had vooral aanhangers onder de middenstanders, boeren, lagere ambtenaren en arbeiders. De ARP ging later samen met de CHU en de KVP op in het CDA, een partij die we nog steeds kennen. Het samengaan van deze protestantse partij met de Katholieke Volkspartij (de KVP) geeft aan dat de scheiding tussen katholieken en protestanten, die in de verzuiling erg sterk was, in 1980 wel was verdwenen.

Door de jaren heen zijn er in het politieke landschap veel politieke partijen geweest. Sommigen zoals de CPN en de ARP zijn opgegaan in een andere partij, anderen zijn gewoon opgehouden te bestaan. Op de site van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen kun je alle politieke partijen zien die zijn opgeheven.

 

terug naar hoofdstuk 10Vwo

 

naar hoofdstuk 11Vwo