Kernconcepten kort

De Online Portal van het vak maatschappijwetenschappen

Op verzoek van leerlingen heeft docent Marco Veldman de kernconcepten in zo kort mogelijke woorden neergezet. Het idee erachter is dat je je makkelijker iets kleins kunt herinneren en daarna rustig de rest van de definitie in gewoon Nederlands kunt aanvullen. Daarom zijn hier de definities gepresenteerd met wat ‘gaten’ (de …) die minder belangrijk zijn voor het begrijpen of zelf na dieper nadenken kunnen worden bedacht.

LET OP: dit zijn niet de officiële definities maar alleen de meest kenmerkende woorden bedoeld om je betekenis van de kernconcepten sneller te kunnen laten onthouden. Ze zijn dus niet volledig maar geven je wel de houvast om de definities snel te leren. In het lesboek Seneca worden de ‘elementen’ (onderdelen) van de definities ook vaak apart toegelicht en getoond. Hieronder staat dus niets nieuws maar het kan helpen.


Download hier het Word document of lees hieronder verder…


Hoofdconcepten

De vier hoofdconcepten hebben definities waarin steeds staat ‘Hoofdconcept X verwijst naar…’

  • Vorming: …het proces van het verwerven van een identiteit.
  • Verhouding: …de wijze waarop mensen en staten zich tot elkaar verhouden en hoe samenlevingen daar vorm aan geven.
  • Binding: …de relatie en onderlinge afhankelijkheden tussen… (micro, meso en macroniveau: mensen, groepen, op niveau van de staat).
  • Verandering: …richting en tempo van ontwikkelingen

Kernconcepten bij Vorming

  • socialisatie: overdracht en verwerving van een cultuur…
  • politieke socialisatie: overdracht en verwerving van de politieke cultuur
  • acculturatie: verwerven andere cultuurelementen dan waarin iemand is opgegroeid.
  • identiteit: zelfbeeld, beeld dat iemand uitdraagt, beeld van groepen waar iemand wel of niet bij hoort.
  • cultuur: voorstellingen, opvattingen, uitdrukkingsvormen, waarden en normen (ezelsbrug: v.o.u.w.e.n.)
  • ideologie: samenhangend geheel van … de meest wenselijke maatschappelijke en politieke verhoudingen.

Kernconcepten bij Verhouding

  • sociale ongelijkheid: …verschillen… consequenties hebben voor hun maatschappelijkepositie en leiden tot een ongelijke … waardering…
  • macht: vermogenom hulpbronnenin te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de handelingsmogelijkheden vananderentebeperkenoftevergroten.
  • gezag: machtdie als legitiem beschouwd wordt.
  • conflict: situatie waarin (actoren) elkaar tegenwerken … eigen doel….
  • samenwerking: proces waarin (actoren) relaties vormen om hun handelen op elkaar af testemmen voor een gemeenschappelijk doel.

Kernconcepten bij Binding

  • sociale cohesie: het aantal en de kwaliteit van de bindingendie mensen in een ruimer sociaal kader met elkaar hebben, het gevoel een groep te zijn, lid te zijn van een gemeenschap, de mate van verantwoordelijkheid voor elkaars welzijn, en de mate waarin anderen daar ook een beroep op kunnen doen. (kan niet korter)
  • sociale institutie: …geformaliseerde regels die het gedrag… reguleren.
  • politieke institutie: complex (geheel) van … regelsdie het gedrag… van mensen en hun onderlingerelatiesrond politieke machtsuitoefening en politieke besluitvorming reguleren.
  • groepsvorming: tot stand komen van bindingen…, doordat ze elkaar beïnvloeden en gemeenschappelijkewaarden en normenontwikkelen.
  • representatie: vertegenwoordiging vaneengroep … door … betrokkenen die namensdegroep optreden.
  • representativiteit: mate waarin … besluiten, standpuntenof achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep …. (of nog simpeler: mate van representatie, gemeten in besluiten, standpunten of achtergrondkenmerken).

Kernconcepten bij Verandering

Merk op dat de zes kernconcepten van Verandering allemaal over een proces (ontwikkeling) gaan.: iets wordt meer, groter, uitgebreider dan vroeger.

  • rationalisering: proces van ordenen en systematiseren … en van het doelgerichtinzetten van middelen om zo efficiënt en effectief mogelijke resultaten te bereiken.
  • individualisering: proceswaarbij individuen … hun zelfstandigheid op… kunnen vergroten.
  • institutionalisering: proces waarbij … regelsvastgelegdworden …, die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties reguleren.
  • democratisering: proces van verandering … door een grotere inspraak ….
  • staatsvorming: institutionalisering van politiekemacht tot een staat. (kan niet korter)
  • globalisering: proces van uitbreiding … van contacten en afhankelijkheden… over landsgrenzen heen.